Stel je voor: je bent op een event, ergens in een volle ruimte, en plotseling krijg je een microfoon aangeboden. Zou jij dan je verhaal durven delen? Of zou je voelen hoe de woorden struikelen, hoe je stem wegzakt?
Dit is een vraag waar velen zich in herkennen. Spreken in het publiek, je zou denken dat het niet voor iedereen is weggelegd, dat het een gave is die je hebt of niet hebt. Misschien ben je introvert, bescheiden, iemand die liever op de achtergrond blijft.
Maar hier schuilt een misverstand. Introvertheid definieert niet wat jij te vertellen hebt. Het staat zelfs los van de kracht van jouw verhaal. Want verhalen vertellen? Dat kan iedereen. Maar hoe jij jouw verhaal overbrengt, hoe je anderen daarin meeneemt, hoe je van woorden een brug maakt, dat is een kunst op zich die iedereen kan leren.
En precies daarvoor staat Nadoua. Voor de kracht van het vertellen, van het overbrengen. Voor het versterken van jouw verbale intelligentie.
Wanneer voelde jij voor het eerst de kracht van jouw eigen stem, dat moment waarop je dacht: dit wil ik andere vrouwen ook laten ervaren?
“Elf jaar geleden stond ik op een podium, tranen op mijn wangen, knieën licht trillend. Wat bezielde mij om dit te doen? Ik had het mezelf aangedaan, niemand anders. Ik had de moed verzameld, de woorden voorbereid, ik wist dat het krachtig zou zijn. En toch knaagde er iets. Wat als ze me uitlachen? Wat als ik niet goed genoeg ben?
En toen, net op het moment dat ik klaarstond, vergat de host mij op te roepen. De stilte was oorverdovend. Zie je wel, fluisterde iets in mij. Je bent niet interessant genoeg.
Maar ik ging toch. Met trillende stem, met die ademhaling die alles verraadde, stapte ik het podium op. Ik raapte mezelf bijeen, woord voor woord, zin voor zin, en wist hun toch te inspireren. Niemand zag het gevecht dat ik daarbinnen voerde. Ik had kunnen opgeven. Ik had naar huis kunnen gaan en mezelf kunnen wijsmaken dat het niets voor mij was.
Maar ik deed het niet. En dat moment veranderde alles.
Vol overgave besloot ik mezelf onvoorwaardelijk te ontwikkelen op verbale intelligentie. Geen tranen meer uit onzekerheid, geen twijfel meer op het podium. Want je staat altijd voor een keuze: je laat het je breken, of je laat het je vormen. Wie de actie blijft vermijden, zal er nooit beter in worden.
Vandaag de dag help ik onderneemsters om spontaan, verbindend en inspirerend te spreken. Want storytelling is een vaardigheid met diepgang, de basis van authentiek en persoonlijk leiderschap. Het begon allemaal bij die tweestrijd, bij dat gevoel van je bloot geven, je kwetsbaar opstellen, je klein voelen. Maar daar is voor mij de motor uitgekomen.”
Je spreekt over verbale intelligentie versterken. Hoe ziet zo’n groeiproces eruit, waar begint iemand, en wat verandert er in de manier waarop ze denken over hun eigen stem?
“Vanaf het moment dat we onze ogen openen, gebruiken we taal. De hele dag door praten we, denken we, voelen we in woorden. Taal is de lijm van alles wat we doen, letterlijk en figuurlijk. Maar taal is meer dan dat. Taal is energie. Het bepaalt de mood, de sfeer, de vibe in een ruimte. In een gesprek. In je eigen hoofd.
Want als je gesproken taal onderontwikkeld blijft, kom je niet vooruit. Je blijft hangen in dezelfde kringen, bij dezelfde mensen, dezelfde energie, dezelfde destructieve woorden die niets opbouwen. Maar als je bewust gaat kiezen welke woorden je gebruikt, naar anderen en naar jezelf, dan verschuift er iets. Dan begin je organisch mensen aan te trekken die datzelfde waarderen. Die opbouwen in plaats van afbreken. We zijn sociale wezens, we spiegelen wat we uitstralen.
En dan is er verbale intelligentie. Dat gaat over de woorden die je kiest. Kan jij mensen iets laten voelen? Kan jij ze laten zien wat je bedoelt? Mensen zijn visueel ingesteld, ze willen beelden, geen abstracte zinnen die nergens landen.
Maak je zinnen korter. Vergroot je vocabulaire. Leer synoniemen. Spreek in jip-en-janneketaal als dat nodig is, maar weet ook wanneer je meer diepgang nodig hebt. Wees echt. Als jij spreekt, spreek dan vanuit wie je bent. Niet wie je denkt te moeten zijn. Daarin ligt je kracht.
Afgelopen jaar deed ik iets simpels maar krachtig: ik begon synoniemen op te zoeken. Woord voor woord. Want er is zoveel meer te zeggen dan we denken, zeker als bepaalde woorden containerwoorden zijn geworden. Woorden zoals “verbinden”, “authenticiteit”, “groei”. Woorden die zo vaak zijn uitgesproken dat ze bijna niets meer zeggen. Die de massa immuun voor is geworden.
Maar wat als je daar een verhaal omheen bouwt? Wat als je leven blaast in woorden die dood lijken? Dan raken ze weer. Dan landen ze.
Dat is wat verbale intelligentie voor mij betekent. Niet alleen groot spreken op een podium, maar ook in een één-op-één gesprek, in een groep, op het moment dat er een microfoon voor je neus verschijnt en je even niet weet wat je moet zeggen. Juist dan tellen de woorden die je kiest.
Want mensen schatten je in van het eerste woord af. Als je begint en je openingszin heeft geen kracht, dan snijd je jezelf al in je geloofwaardigheid voor je goed en wel begonnen bent. Ze voelen het, de energie die jouw woorden uitstralen. Niet alleen wat je zegt, maar hoe je het zegt, waar je staat, hoe je ademt als je het zegt.
Taal moet een beetje jouw ding worden. Niet als trucje, maar als gereedschap. Als iets wat je slijpt, verfijnt, en met vertrouwen inzet.”
Veel vrouwen horen een kritische stem die hen klein houdt. Hoe help jij deze vrouwen om die stem te verzachten en wat zou jouw advies zijn naar hun toe?
“In elk gesprek spelen twee niveaus mee: het inhoudelijke niveau en het betrekkelijke niveau. Wat er gezegd wordt, en hoe het gezegd wordt. En daartussen? Onze eigen waarnemingen en interpretaties, die voortdurend meespelen zonder dat we het altijd doorhebben.
Zelfbeheersing begint met bewustzijn. Wat raakt mij zo snel? Waarom voel ik mij getriggerd? Een mooi middel daarvoor is het kernkwadrant. Waar ben jij ontzettend goed in, wat drijft jou, en wat is jouw allergie? Want als je dat weet, weet je ook hoe je moet anticiperen. Zeker in gesprekken met mensen die dicht bij je staan.
Stel je voor: je gaat naar een ontmoeting en je weet dat hij of zij er ook is. Iemand die jou triggert. Bereid je voor. Wat zie ik in deze persoon? Wat kan er gezegd worden? En hoe ga ik daarmee om? Want zij hebben zich ook voorbereid. Dat spel begint al voor je de ruimte binnenstapt.
Op het gebied van taal is er zoveel te winnen. Maar het belangrijkste is niet dat jij goed overkomt voor de status, het gaat erom dat de verstandhouding helder is. Dat je kalmer reageert. Dat je durft te vragen. Want als je een vraag stelt, geef je de ander een stukje zelfverantwoordelijkheid. En geef je jezelf de kans om te toetsen of wat je denkt ook klopt. Aannames leven in stilte. Vragen stellen haalt ze naar buiten.
Ik nodig vrouwen uit, waar ze ook staan in hun communicatie, om eerst bij zichzelf te beginnen. Want voor we ook maar één woord zeggen, speelt er al van alles. Wat is feitelijk en wat is emotie? Dat onderscheid lijkt simpel, maar het is het niet. Vrouwen lopen daar sneller op vast dan ze zich realiseren. We zijn getriggerd voor we het weten. En op dat moment reageert niet onze ratio, maar onze emotie. Niet wat er werkelijk gezegd werd, maar wat wij dachten te horen.”
Introvertheid wordt vaak gezien als hindernis voor publiek spreken. Jij ziet dat anders. Welke kracht schuilt er juist in de introverte verteller?
“Prikkeling speelt een grote rol, zeker als je introvert bent. Hoe vermijd je dat? Eén op één gaat vanzelf, dat doe je automatisch. Een gesprek starten in een grote groep? Dat is een andere wereld. Ik weet dat, want ik ben er zelf doorheen gegaan.
Maar hier is wat mensen over het hoofd zien: de introverte observeert. En in observatie zit informatie. Meer dan in woorden. De introverte analyseert, weegt, kiest. Er is minder ruis. Meer ruimte om na te denken voor je spreekt. En als je dan spreekt, zijn het de juiste woorden. Woorden die landen. Woorden die precies die mensen aantrekken die erop zitten te wachten.
Daar zit een kracht in die vaak onderschat wordt. De introverte die spreekt, creëert ruimte. En in die ruimte kan taal zich ontwikkelen op een manier die bij hen past.
Maar vrijuit spreken, freestilen, dat kost energie. Tijd beperkt je, een podium vraagt voorbereiding. Je traint jezelf om snel tot de kern te komen, om scherp te zijn, ook al laat je dan niet altijd de volle versie van jezelf zien. En dat voelt soms onecht. Als je iemand daarna spreekt, voel je het meteen of er echtheid in zit.
Want ook de introverte kan outreachend zijn. Niet omdat het moet, maar omdat ze iets te delen hebben. Iets wat groter is dan het ongemak.
En als alles voorbij is, als de gesprekken zijn gevoerd en de energie is gegeven, dan doe ik één ding. Ik ga naar huis. En ik laad op. Dat is geen zwakte, dat is zelfkennis. Na het gesprek, even zelfzorg. Want wie zichzelf leeggeeft, moet ook weten hoe ze zichzelf weer vullen.”
“Je staat altijd voor een keuze: je laat het je breken, of je laat het je vormen.”
Wat is volgens jou het geheime ingrediënt voor een verhaal dat blijft hangen, een verhaal waarin je anderen meeneemt?
“Echtheid begint niet met de oplossing. Echtheid begint met de chaos. Met het probleem. Met het conflict. Want dat is waar mensen zich als eerste in herkennen.
Stel je voor: een berg. Sommigen staan bovenaan, ze hebben het pad al afgelegd. Maar de meesten? Die staan halverwege. Midden in het proces, midden in de pijn, midden in de twijfel. En als jij bovenaan staat en naar beneden roept hoe prachtig het uitzicht is, horen ze je niet. Ze zijn te moe. Te ver weg.
Ga naar ze toe. Loop naar beneden. Ontmoet ze daar waar ze staan.
Begin je verhaal met herkenning. Kruip in hun gedachten, voel waar ze zijn, en heb het daarover. Want op het moment dat iemand denkt “dit gaat over mij”, ben je binnen. Dan luisteren ze niet meer met hun hoofd, maar met hun hart.
En dan, pas dan, laat je zien dat jij ook onderaan die berg hebt gestaan. Dat jij ook in het midden hing, zonder te weten of het beter zou worden. Illustreer het, met jouw verhaal of dat van een ander. Laat ze voelen: zij moest ook langs dit proces. Zij stond ook hier.
Op dat moment ontstaat er iets. Hoop. Niet de holle hoop die uit wanhoop wordt uitgesproken, maar echte hoop. De hoop die zegt: er is nog een weg. En die weg is begaanbaar. Want een ander ging je voor.”
Storytelling gaat niet alleen over wat je vertelt, maar ook over wie je laat zien. Hoe begeleid je iemand in dat proces, van ‘wie ben ik?’ naar dit ben ik, en dit wil ik dat je ziet?
“Begin altijd op een punt dat herkenbaar is. Voor iedereen die naar je luistert. Ontmoet ze daar eerst, voor je ook maar één stap verder gaat.
Want ik weet het, als ik de juiste snaar raak, hoeveel mensen er van binnen zouden janken. Die rauwe versie van zichzelf herkennen. Die laag die ze zorgvuldig hebben bedekt met presentaties, met prestaties, met alles wat ze naar buiten laten zien.
Iedereen heeft een kantelpunt. Dat moment waarop alles anders werd. Dat verhaal heeft iedereen in zich, maar de meesten vertellen het gewoon, zonder te weten hoe ze het moeten overbrengen. Ze gooien het eruit, ongepolijst, zonder richting.
En dat is precies waar taal het verschil maakt. Hoe je het zegt. Wanneer je pauzeert. Welk woord je kiest op het moment dat iemand zijn adem inhoudt. Daar kan je mee spelen. Daar ligt de kracht van wat jij te delen hebt.”
Als je terugdenkt aan de allereerste keer dat jij voor een publiek stond , wat zou je tegen die jongere versie van jezelf willen zeggen?
“Doe het nog eens. Met die tranen. Met die onzekerheid. Ik moest er doorheen, en jij ook.
Die ademhaling die versnelt. Dat hart dat bonkt voordat je ook maar één woord hebt gezegd. Het hoort erbij. Ook na al die jaren. De spanning verdwijnt niet, maar je leert haar anders te dragen.
Want op de momenten dat de spanning zo groot is dat je even niet meer weet, gebruik je lichaam. Mensen zien je voor ze je horen. Ze kijken hoe je staat, hoe je beweegt, wat je armen zeggen. Het grootste deel van communicatie is non-verbaal. Speel daarmee. Laat je lichaam spreken als je woorden even haperen.
En als de spanning echt op het hoogtepunt zit, aan het einde van de rit, benoem het dan. Zeg het hardop. Voordat ik dat deed, had ik al een heel verhaal vrijuit gesproken, zonder over onzekerheid te beginnen. Maar op het moment dat ik het benoem, iets emotioneels deel, dan verschuift er iets in de ruimte. Dan ademen mensen mee.
Want ik zie het publiek niet meer als mensen die iets over mij te zeggen hebben. Die tijd is voorbij. Zij komen om te luisteren. En omdat zij komen om te luisteren, is het mijn taak om hen beter te dienen. Dat is de switch. Van overleven op het podium, naar dienen vanaf het podium.”
Is er voor jou een boek, of een podcast, of iemand die jou inspireerde dat jouw kijk op storytelling veranderde?
“Ik heb het zelf ondervonden. Niet uit een boek, niet van een coach. Door te verdiepen in taal, in verbale intelligentie, door zelf te zoeken naar andere woorden, betere woorden, en dan te voelen wat er gebeurt als ik ze uitspreek.
En dan komt de feedback. Niet de feedback die pijn doet, maar de feedback die je vleugels geeft. “Ik zie wat je doet. Je neemt mij zo mee.” De elementen die mensen voelden, de momenten die bleven hangen. Dat was er niet altijd voor mij. Maar het groeide. Met elke keer. Met elke zaal. Met elke reactie van mensen die ik raakte op plekken waar ik zelf niet eens had verwacht.
“Dit is zo fijn aan jou.” “Dit raakt.” “Je komt binnen.”
Dat zorgde ervoor dat ik mij nog meer wilde ontwikkelen. Niet de druk van buiten, maar de brandstof van binnen. De bevestiging dat woorden kunnen bewegen. Dat taal energie is.
En als je die energie leert sturen, als je leert verkopen met je verhaal, dan is het geen presentatie meer. Dan is het storysell.”
“Echtheid begint niet met de oplossing. Echtheid begint met de chaos. Met het probleem. Met het conflict.”
Heb je nog een liefdevolle boodschap voor de vrouw die op die drempel staat, die wel wil, maar vasthoudt aan haar comfortzone uit angst voor wat anderen zullen denken?
“Het begint bij jezelf. Altijd.
Eerst nagaan: waar wil ik naartoe? Wat is mijn comfortzone, en wanneer stap ik eruit? Niet in één grote sprong, maar in kleine, bewuste stappen. Want je kan weten waar je naartoe wil, je kan het dromen, je kan het opschrijven, maar als je er niets mee doet, blijft het een wens. En dan worden de mensen die al daar zijn waar jij wilt zijn, een trigger. Niet omdat zij iets fout doen, maar omdat jij stilstaat.
Weerstand is een signaal. Als je de juiste kant op wilt bewegen en je voelt weerstand, kijk dan eerst naar jezelf. Wat is voor mij buiten die comfortzone? Wat kan ik vandaag doen, op mijn eigen voorwaarden, om een stap te zetten? Want mensen proeven het feilloos. Ze voelen of jij in beweging bent of niet.
En eerlijk gezegd, er is ook een keerzijde. Als iemand iets wil maar ik zie geen actie, geen investering, geen stap, dan geef ik daar mijn aandacht niet aan. Niet uit onverschilligheid, maar uit respect voor de wisselwerking. Want groei vraagt iets van jou. Jij investeert tijd in jezelf, en dan pas ontstaat er ruimte voor de juiste mensen om naast je te staan.
Ik geloof in wisselwerking.”

